
Het is 2030. Je AI-assistent doet al je saaie werk. Offertes opstellen, mails beantwoorden, afspraken plannen en zelfs je telefoon beantwoorden. Het (tja, het is geen hij en geen zij…) maakt nog steeds foutjes, maar binnen de marge en omdat iedereen een persoonlijke AI-assistent heeft accepteren we dat maar.
Diezelfde ‘drang’ naar efficiëntie (je herkent het waarschijnlijk, zeker als ondernemer) bracht mij het afgelopen jaar naar het experimenteren met het schrijven van blogs met AI. Niet volledig geautomatiseerd en nog steeds doordacht, maar wel een stuk sneller. Toch ga ik het bij dit experiment laten.
Na een jaar bloggen heb ik deze vakantie de balans opgemaakt door naar de stukken te kijken die ik zelf heb geschreven en die ik met behulp van AI geschreven heb. Wat me het meest opviel was de toon. De AI-geschreven stukken zijn gelikter. Bijna perfect. Maar dat is precies ook het probleem. Er zit geen gevoel in. Geen karakter. Geen persoon.
Het deed me beseffen dat het sneller schrijven niet opweegt tegen wat ik denk dat echt belangrijk is, zeker op mijn vakgebied: vertrouwen. En hoe kun je vertrouwen kweken als je niet het gevoel hebt dat er aan de andere kant een mens zit?
Het is ook niet gek dat een AI niet kan klinken als een mens. Het model is een samenvatting van heel veel tekst. Bij het schrijven voorspelt het model het volgende woord door te kijken naar wat gemiddeld het meest voor de hand ligt. Eén mens denkt en handelt niet vanuit een gemiddelde, en klinkt dus wezenlijk anders.
Daarnaast kan je een AI-model niet tegenspreken of het aanspreken als het iets verkeerd zegt. Ja, dat kan wel, maar dan slaat ie dicht of draait resoluut 180 graden om, geen discussie, niets. Want als niet het gemiddelde juist is, dan zal het wel het op een na waarschijnlijkste antwoord juist zijn. Het kan geen verantwoordelijkheid nemen voor wat het heeft geschreven.
Je kunt daar natuurlijk tegenin brengen dat als we AI maar genoeg integreren in de maatschappij dat het daar ook onderdeel van wordt. En dat we daar wel een weg in vinden om het te vertrouwen. Maar nog steeds zal er iemand moeten zijn die opstaat en zegt: dit klopt en ik sta ervoor in. We kunnen niet de ‘AI’ de schuld geven, want dan hadden we het niet aan een AI-model moeten uitbesteden. (Ik zou overigens een slechte risico-adviseur zijn als ik wat anders vond.)
Terug naar mijn blogs. Naast het feit dat ik vergeten was hoe leuk ik het schrijfproces vind, wil ik AI gebruiken waar dat snelheidswinst oplevert. Maar dat mag niet ten koste gaan van mijn relaties met anderen. Die blogs (en mails) komen dus gewoon van mij.
Daar trek ik mijn grens, en dat is eigenlijk gewoon een kwestie van risk appetite: wat persoonlijk is schrijf ik zelf, een mail aan jou komt gewoon van mij. Bij stukken waarvan niemand aanneemt dat ik ze persoonlijk heb geschreven, een offerte of een rapportage, mag AI meeschrijven zolang ik het zelf nalees en er met mijn naam onder sta.